Loonberekening

  1. 1
    1. De functielonen gelden voor 160 diensturen per periode van 4 weken, per maand.


    2. Het bepaalde onder a. laat onverlet dat uitbetaling aan de werkneme gegarandeerd is. In een week dat een wachtdag ex artikel 16 lid 2 van deze CAO wordt toegepast dient minimaal 32 uur per week te worden gegarandeerd.


    1. Alle diensturen worden uitbetaald onder aftrek van de pauzetijden c opgenomen in bijlage IV en onder aftrek van de aaneengesloten rust, met als minimum de in de EEGVerordening 561/2006 voorgeschreven rusttijden (zie bijlage IV). Bij boot- en treinuren gemaakt in een periode van 24 uur mag maximaal 11 uur aan aaneengesloten rust worden genoteerd met inachtneming van de staffel van de pauzetijden conform bijlage IV.


    2. De diensturen moeten door de werknemer worden geregistreerd op een verstrekken urenverantwoordingsstaat. Een registratieplicht geldt eveneens voor de uren besteed aan rust, pauzes en de correcties.


    3. De urenverantwoordingsstaat dient minimaal de navolgende gegevens t


      • de datum


      • de diensttijd alsmede de dagtotalen daarvan


      • de rusttijd


      • de pauzes


      • correcties


      • de naam en handtekening van de chauffeur


    4. De werknemer ontvangt na controle door de werkgever een voor akkoor urenverantwoordingsstaat terug.


    5. De werknemer dient binnen drie maanden na ontvangst van de urenvera onder 2.d schriftelijk aan de werkgever eventuele bezwaren kenbaar te maken. Wanneer de werknemer van dat recht geen gebruik maakt, geldt de urenverantwoordingsstaat vanaf dat moment als bewijs.


    6. De werkgever dient de ingevulde urenverantwoordingsstaat gedurende datum waarop de invulling betrekking had, te bewaren.


    7. Voor de controle van de urenverantwoordingsstaten dienen de daarbij te worden overgelegd.


    8. Bij het gebruik van elektronische tijdregistratiesystemen zijn werk van de verplichtingen zoals vermeld onder 2b t/m 2g. Na afloop van elke rit dient de werknemer de beschikking te krijgen over een ongeschoonde uitdraai van de in 2c. genoemde gegevens.


    1. De werkgever kan de normale duur van de werkzaamheden normeren op basis van sociaal en economisch verantwoorde praktijkervaringen en de loonberekeningen daarop baseren. De werkgever dient daarvoor echter eerst de instemming van de werknemers- en werkgeversorganisaties na voorafgaand overleg met de ondernemingsraad of personeelsvertegenwoordiging te verkrijgen.


    2. Het bepaalde onder 3.a. is onverkort van kracht ingeval in de onder bepaald met behulp van elektronische tijdregistratiesystemen.


    3. Indien de omstandigheden die aan een normeringsregeling ten grondsl liggen zich wijzigen, dan dient de regeling opnieuw beoordeeld en zodanig aangepast te worden.


    4. Een normeringsregeling ontheft de werknemer niet van de invulling e urenverantwoordingsstaat.


    5. In alle gevallen zal de normeringsregeling schriftelijk worden vast en binnen 2 weken na dagtekening, ter registratie worden gemeld bij het secretariaat van CAO-partijen, Postbus 3008, 2700 KS Zoetermeer.


    1. Op werkzaamheden als rijden, laden, lossen en wachttijd kan, in gev normering plaatsvinden, met dien verstande dat de totale beloning van alle gemaakte diensturen tussen de 85% en de 100% bedraagt. Er is sprake van dubbele bemanning bij internationale ritten als een rit wordt verricht door tenminste 2 chauffeurs met gelijkwaardige werkzaamheden, zowel qua functie-inhoud als qua tijdsbesteding.


    2. Om van bovenstaande regeling gebruik te kunnen maken, dienen de ond beloningsbeleid voor dubbelbemande ritten voor 1 mei 2006, bij CAO-partijen te hebben gemeld. Ondernemingen die hun bestaande beloningsbeleid voor de dubbelbemande ritten niet voor 1 mei 2006 hebben gemeld, worden geacht geen normering toe te passen.


    3. Ondernemingen die na 1 mei 2006 een nieuw beloningsbeleid voor dubb invoeren, dienen dat met de vakbonden overeen te komen. Daarbij dient het volgende in acht te worden genomen:


      • de totale beloning van alle gemaakte diensturen zal uiterlijk na verloop van twee jaar 85% bedragen tenzij de onderneming een hogere beloning overeenkomt met vakbonden;


      • er dient met de vakbonden overleg te worden gevoerd over een afbouwregeling voor het verschil tussen de oude en de nieuwe regeling voor het reeds in dienst zijnde personeel. Deze afbouwregeling komt na 2 jaar te vervallen;


      • voor werknemers die op het moment van inwerkingtreding van de CAO 55 jaar en ouder zijn, blijft de oude regeling gehandhaafd en vindt er geen afbouw plaats;


      • de nieuwe regeling dient te worden gemeld bij CAO-partijen.


naar boven

terug in history