Ontslagrecht



Opzegging

De opzegging geschiedt tegen het einde van de maand, tenzij bij schriftelijke overeenkomst of door het gebruik een andere dag daarvoor is aangewezen.
De door de werkgever in acht te nemen termijn van opzegging bedraagt bij een arbeidsovereenkomst die op de dag van opzegging:
  1. korter dan vijf jaar heeft geduurd: één maand;
  2. vijf jaar of langer, maar korter dan tien jaar heeft geduurd: twee maanden;
  3. tien jaar of langer, maar korter dan vijftien jaar heeft geduurd: drie maanden;
  4. vijftien jaar of langer heeft geduurd: vier maanden.
Indien door de regionaal directeur voor de Arbeidsvoorziening een ontslagvergunning is verleend, wordt de door de werkgever in acht te nemen termijn van opzegging verkort met één maand, met dien verstande dat de resterende termijn van opzegging tenminste één maand bedraagt.


Werknemers die op 1 januari 1999 de leeftijd van 45 jaar hebben bereikt behouden het recht op toepassing van de op dat moment geldende opzegtermijn voor zover deze voor hun gunstiger is dan de nieuwe (bovenvermelde) regeling. Bij verandering van werkgever gelden echter de nieuwe wettelijke regels. Deze opzegtermijn was op basis van de CAO 1998 uitgewerkt conform onderstaande tabel.

Aantal volle jaren dat de dienstbetrekking nà de 18-jarige leeftijd heeft voortgeduurd: Opzeggingstermijn in weken, die de werkgever in acht moet nemen bij een hiernavolgende leeftijd van de werknemer op de dag van de opzegging:

47 48 49 50 51 5253 54 55 56 57 58 en ouder

1 2 2 22333 3 33333
2 3 4 4 4 4 4 444 4 444
3 4 5 6 6 6 6 6 6 6 6 6 6 6
4 5 6 7 8 8 8 8 8 8 8888
5 6 7 8 9 10 10 10 10 10 10 1010 10
6 7 8 9 10 11 12 12 12 12 12 1212 12
7 8 9 10 11 1213 14 14 14 14 14 14 14
8 9 10 11 12 13 14 15 16 16 16 161616
9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 18 1818 18
10 11 12 13 14 15 1617181920202020
11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 2122 22 22
12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 24
13 14 15 16 17 1819 20 21 22 23 24 25 26



naar boven

terug in history